skip to Main Content
act legal covers all major European business centres
AmsterdamBratislavaBucharestBudapestFrankfurtMadridMilanPragueViennaWarsaw
Meet us at actlegal.com

Wet franchise in werking per 1 januari 2021

De nieuwe Wet franchise is op 1 januari in werking getreden. De franchiseovereenkomst is hierdoor een uitdrukkelijk in het Burgerlijk Wetboek geregelde overeenkomst geworden (net als bijvoorbeeld huur, koop en agentuur).

Een aantal onderdelen van de Wet franchise heeft onmiddellijke werking voor lopende franchiseovereenkomsten. Andere onderdelen worden voor lopende contracten pas in januari 2023 van kracht.

Alle franchiseovereenkomsten die na 1 januari 2021 worden gesloten vallen direct in volle omvang onder de Wet franchise.

Deze wet legt de nadruk op vier onderwerpen:

  1. De precontractuele uitwisseling van informatie.
  2. De tussentijdse wijziging van een lopende franchiseovereenkomst.
  3. De beëindiging van de franchisesamenwerking.
  4. Het overleg tussen de franchisegever en zijn franchisenemers.

De nieuwe spelregels hebben aanzienlijke gevolgen voor de franchiserelatie. Franchisegevers en franchisenemers doen er verstandig aan om daarover in gesprek te gaan. Het franchiseteam van FORT heeft een overzichtelijk schema van de hoofdlijnen van de wet gemaakt, dat daarbij behulpzaam kan zijn.

Directe werking / uitgestelde werking

Verschillende artikelen van de Wet franchise zijn direct van kracht voor alle lopende en nieuwe franchiseovereenkomsten. Dat betreft de verplichtingen tot informatieverstrekking en overleg in zowel de precontractuele fase als tijdens een lopende franchiseovereenkomst.

De wet bevat ook bepalingen over het instemmingsrecht van de franchisenemer met wijzigingen van de overeenkomst (drempelwaarden), de waardebepaling van de goodwill van de franchisenemer en concurrentiebedingen. Die zullen voor lopende overeenkomsten pas in 2023 gaan gelden, maar zijn direct van toepassing voor overeenkomsten die vanaf 1 januari 2021 worden gesloten.

Drempelwaarden (uitgestelde werking)

Extra aandacht behoeven de artikelen in de Wet die zien op het plegen van investeringen en de mate en wijze waarop de franchisegever dit van de franchisenemer kan verlangen. Er wordt – kort gezegd – een systeem van contractuele “drempelwaarden” geïntroduceerd.

Dit houdt in dat een franchisegever niet zonder instemming van de franchisenemer(s) een wijziging kan doorvoeren die negatieve financiële impact heeft voor de franchisenemer (investeringen of kosten). Slechts voor zover de financiële impact blijft onder een vooraf contractueel afgesproken drempelwaarde, kan de franchisegever de franchisenemer verplichten tot deze wijziging of investering.

Bij wijzigingen met een impact boven de drempelwaarde, is instemming vereist van:
– de meerderheid van de franchisenemers (50% + 1), of
– de franchisenemer(s) die het betreft.

Het is van belang goed na te denken over de hoogte van drempelwaarden. Deze mogen in ieder geval niet zo hoog worden vastgesteld, dat er feitelijk nooit instemming is vereist.

Precontractuele uitwisseling van informatie (directe werking)

De Wet franchise schrijft voor welke informatie franchisegevers minimaal moeten delen met hun potentiële franchisenemers, zodat kandidaat-franchisenemers een weloverwogen beslissing kunnen nemen om zich wel of niet aan te sluiten bij de formule. Uiterlijk vier weken voor de ondertekening van de overeenkomst moet de franchisegever alle informatie verstrekken waarvan hij weet, of redelijkerwijs kan vermoeden, dat die voor de beslissing van de franchisenemer van belang is. In deze periode mogen er geen aanvullende voorwaarden gesteld worden of wijzigingen doorgevoerd worden die mogelijk negatief of bezwarend uitpakken voor de kandidaat-franchisenemer (standstill periode). De kandidaat-franchisenemer kan in deze periode de verstrekte documenten bestuderen, zelf onderzoek doen en adviseurs raadplegen.

Het verstrekken van een prognose is niet verplicht. Ook het ter beschikking stellen van het handboek is in deze fase nog niet verplicht. De wetgever heeft hiermee aangesloten bij geldende jurisprudentie.

Informatie over tussentijdse wijziging van een lopende franchiseovereenkomst (directe werking)

Wanneer de franchisegever de formule verder wil ontwikkelen (dus: wijzigen) moet hij de franchisenemers tijdig informatie verstrekken over deze wijzigingen. Dit geldt bijvoorbeeld als:
– de franchisegever de franchiseovereenkomst wil wijzigen (de overeenkomst moet daarin dan wel voorzien);
– de franchisenemer moet investeren in zijn onderneming (de overeenkomst moet daarin dan wel voorzien);
– de franchisegever een afgeleide formule wil gaan uitrollen (zoals bijvoorbeeld een webshop).

Naast informatie over voorgenomen wijzigingen in de formule moet de franchisegever ook informatie geven over hoe de diverse vergoedingen worden besteed. Zo heeft de franchisenemer de kans om te controleren of door de franchisegever gevraagde bijdragen niet onredelijk hoog zijn. De franchisegever hoeft niet alles inzichtelijk te maken, maar moet wel laten zien waaraan deze bijdragen worden besteed.

Het overleg tussen franchisegever en zijn franchisenemers (directe werking)

De wet bepaalt dat er tenminste één keer per jaar structureel overleg tussen franchisegever en franchisenemer plaats moet vinden. In de praktijk zullen de meeste formules dit al een aantal keer per jaar doen. De wet bepaalt ook dat franchisegevers hun franchisenemers regelmatig ondersteuning moeten bieden in het kader van de franchiseformule. Hoe ver die ondersteuning moet gaan bepaalt de wet niet.

De beëindiging van de franchisesamenwerking (uitgestelde werking)

Duidelijkheid over de waardebepaling van de franchisevestiging
In de franchiseovereenkomst moet duidelijk staan hoe de waarde van de goodwill van de onderneming van de franchisenemer wordt bepaald wanneer hij zijn onderneming wil verkopen. Er kan een rekenmethodiek worden opgenomen, of – bijvoorbeeld – dat een onafhankelijke derde op een professionele manier de waarde bepaalt.

Beperking concurrentiebeding
De Wet franchise bepaalt dat het concurrentiebeding van de franchisenemer niet langer mag duren dan een jaar en qua gebied niet groter mag zijn dan het exclusieve werkgebied waar de ondernemer actief was. Dit beding is in lijn met de bestaande jurisprudentie.

Advies en hulp bij aanpassing franchiseovereenkomst

Het franchiseteam van FORT onder leiding van Katinka Verdurmen en Dirk van den Berg helpt zowel franchisegevers als franchisenemers bij het opstellen en aanpassen van franchiseovereenkomsten.

schema-wet-franchise-per-1-januari-2021-fort-advocaten

Avatar

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *