skip to Main Content
+31 (0)20 664 5111 info@actlegal-fort.com

Overmacht vanwege het Coronavirus?

Het coronavirus grijpt om zich heen. Het aantal besmettingen loopt sterk op en de overheid heeft vergaande maatregelen afgekondigd om verspreiding van het virus tegen te gaan. Het openbare leven is als gevolg hiervan nagenoeg stilgevallen. Ook het bedrijfsleven heeft te lijden onder de uitzonderlijke situatie waar Nederland en grote delen van de wereld in terecht zijn gekomen. Het ligt in de verwachting dat veel ondernemingen als gevolg daarvan op enig moment hun contractuele verplichtingen niet meer (volledig) zullen kunnen nakomen. Hun wederpartijen zullen daar op hun beurt weer schade van ondervinden.

De vraag rijst of de coronapandemie en de in verband daarmee opgelegde overheidsmaatregelen een beroep op overmacht rechtvaardigen en, zo ja, welk gevolgen een geslaagd beroep op overmacht met zich brengen.

  1. Wat staat er in de wet over overmacht?
    Als een schuldenaar tekort komt in de nakoming van een verplichting, is volgens de wet sprake van overmacht als de tekortkoming niet aan hem kan worden toegerekend. Dat is het geval als de tekortkoming niet te wijten is aan zijn schuld, en ook niet op grond van het contract of volgens maatschappelijke opvattingen voor zijn rekening komt.
    In de praktijk komt dit er kort gezegd op neer dat de schuldenaar zijn verplichting niet kan nakomen als gevolg van een belemmering die niet aan hem is toe te rekenen.
  2. Kunnen partijen in een contract van de wettelijke overmachtregeling afwijken?
    Contractspartijen kunnen ervoor kiezen van de wettelijke regeling omtrent overmacht af te wijken. In de praktijk wordt hier vaak gebruik van gemaakt. In veel (Nederlandse en internationale) contracten wordt omschreven wat partijen onder overmacht verstaan en welke gevolgen zij daaraan verbinden. Partijen kunnen bijvoorbeeld omstandigheden die volgens de wet niet kwalificeren als overmacht toch aanmerken als overmacht. Zo komt het met enige regelmaat voor dat overheidsmaatregelen of overmacht bij toeleveranciers als overmacht wordt gekwalificeerd. Het is dan een kwestie van contractsuitleg of bijvoorbeeld de verplichte sluiting van horecagelegenheden onder het contractuele overmachtsbegrip valt. Als dat zo is, wil dit nog niet meteen zeggen dat een beroep op overmacht succesvol zal zijn. Er moet ook voldoende verband zijn tussen de betreffende omstandigheid (de overheidsmaatregel) en de onmogelijkheid om de betreffende verplichting na te komen. Het gaat daarbij dus steeds om de uitleg van de overeenkomst en de toepassing van de concrete situatie.Als eenmaal is vastgesteld dat volgens het contract sprake is van overmacht, zal bezien moeten worden of het contract afspraken bevat over de gevolgen daarvan. Partijen kunnen er bijvoorbeeld voor kiezen de bevoegdheden van de wederpartij ten opzichte van de wet in te perken of juist uit te breiden. Dit kan in algemene bewoordingen of juist heel exact zijn omschreven. Te denken valt aan (eenzijdige) wijziging of opzegging van de overeenkomst, maar ook aan de verplichting om wachttermijnen in acht te nemen of maatregelen te nemen om de gevolgen van overmacht zoveel mogelijk te beperken. De contractuele regeling gaat voor op de wet en het is dus van belang daar als eerste naar te kijken.
  3. Als in een contract niets is opgenomen over overmacht, geldt dan de wettelijke regeling?
    Bepaalt het contract niets over overmacht, dan is de wettelijke regeling beslissend. Uit de rechtspraak blijkt dat hoge eisen worden gesteld aan overmacht. De belemmering om de verplichting na te komen moet zodanig zijn dat het voor de schuldenaar praktisch onmogelijk is om na te komen, dan wel moet nakoming zo nadelig zijn dat dit niet van de schuldenaar kan worden gevergd. Overmacht dient bewezen te worden door degene die zich daarop beroept. Dat is meestal degene die moet presteren maar dit niet kan, ofwel de schuldenaar.
  4. Is de coronacrisis een grond voor overmacht?
    Het is niet op voorhand te zeggen of de coronacrisis of de in verband daarmee genomen overheidsmaatregelen een beroep op overmacht rechtvaardigen. Er zal steeds in elk individueel geval gekeken moeten worden naar de inhoud van de betreffende verplichting, of nakoming daadwerkelijk onmogelijk is en of de oorzaak van die onmogelijkheid gelegen is in de coronacrisis of de in verband daarmee opgelegde maatregelen. Alle concrete omstandigheden dienen daarbij betrokken te worden. Als bijvoorbeeld met gebruik van een hulpmaatregel van de overheid de verplichting wel nagekomen zou kunnen worden, zal een beroep op overmacht vermoedelijk niet slagen. Indien nakoming van de verplichting de gezondheid van de schuldenaar, zoals mogelijk het coronavirus, in gevaar brengt, wordt de kans op een succesvol beroep op overmacht vergroot. Ten tijde van de vogelgriepcrisis in 2005 heeft een rechter overmacht aangenomen toen de schuldenaar vanwege een vervoersverbod van overheidswege niet in staat was eieren van zijn leverancier af te nemen.
  5. Wat gebeurt er als vaststaat dat er sprake is van overmacht?
    Als vaststaat dat sprake is van overmacht, kan de schuldeiser geen aanspraak meer maken op nakoming van de betreffende verplichting. Ook kan de schuldeiser geen vergoeding van geleden schade vorderen. Dit geldt zolang de overmachtssituatie voortduurt. De schuldeiser staat echter niet geheel met lege handen. Hij kan er in de regel voor kiezen de overeenkomst dan geheel of gedeeltelijk te ontbinden, zodat hij van zijn eigen verplichtingen bevrijd is. Eventuele vooruitbetalingen kan hij na ontbinding terugeisen. Heeft de schuldenaar een voordeel vanwege het feit dat hij zijn verplichting niet uitvoert, dan kan de schuldeiser in beginsel ook dit voordeel opeisen. Het voordeel wordt wel gemaximeerd op de schade van de schuldeiser en is alleen toewijsbaar voor zover dit redelijk is. Ook hier spelen de concrete omstandigheden een belangrijke rol.

Op dit moment zijn er nog geen rechterlijke uitspraken op het gebied van overmacht als gevolg van de corona-uitbraak gepubliceerd. Het is dus afwachten hoe rechters hiermee in het concrete geval zullen omgaan. Wij zullen u hiervan op de hoogte houden.

Indien u vragen heeft over de gevolgen van de coronacrisis op uw contract, dan kunt u contact opnemen met partner ondernemingsrecht Berth Brouwer via 020-6645111 of berth.brouwer@actlegal-fort.com.

Berth Brouwer

Berth Brouwer

Berth Brouwer is advocaat ondernemingsrecht en is gespecialiseerd in corporate litigation, geschillenbeslechting en collectieve acties. Neem voor vragen contact op via 020 664 51 11.

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Overmacht, huurder hoeft bij gedwongen sluiting geen huur verschuldigd zijn indien een rechter dit zou vaststellen.
    Dan zou verhuurder indien de inkomsten staken ook ontslagen zijn van verplichtingen naar banken is de volgende stelling.

    1. Het is denkbaar dat een rechter op grond van de van toepassing zijnde huurovereenkomst vaststelt dat de huurder op grond van overmacht (tijdelijk) de huur niet kan voldoen. Naar ons oordeel moet dan wel sprake van een uitzonderlijke situatie omdat het niet kunnen voldoen van de huur wegens gebrek aan omzet in beginsel een ondernemersrisico is. Overmacht bij de huurder brengt echter niet automatisch met zich dat de verhuurder zich op haar beurt jegens de bank op overmacht kan beroepen. Dit zal van geval tot geval beoordeeld moeten worden. Bedenk daarbij dat de drempel voor overmacht hoog is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *